Binnenkort zal deze site weer met actuele inhoud komen.

Dit thema is weer in de belangstelling gekomen door uitlatingen vanuit het gemeentehuis richting het Dagblad van het Noorden.

Dit jaar zal het hoger beroep dienen waarbij de advocaat meester Gans van de gemeente weer zal proberen om allerlij vuil te spuwen en daarmee te trachten de aandacht af te leiden van het inhoudelijke geschil.

Kern van het geding zijn de gedragingen van gemeentemabtenaren in de top van de gemeente in 2010.
In september 2010 kwam er een klacht binnen op het gemeentehuis.

Zoals u kunt zien is in deze klacht cq. melding van een mogelijke integriteitschending geen naam genoemd maar slechts een aanwijzing dat men wel een idee heeft wie de boosdoener is.

De gemeente is volgens de eigen voorschriften verplicht om een dergelijke melding op een drietal zaken te beoordelen. Het meldpunt integriteit onder aanvoering van dhr. C. van Kleef diende destijds hiervoor zorg te dragen.
1. Is de melding ook concreet? Dat wil zeggen de gemeente dient te onderzoeken of er werkelijk sprake is van de gemelde email terreur vanuit het gemeentehuis.
2. Is de melding ook onderzoekswaardig? Dat wil zeggen de gemeente dient intern te onderzoeken of men deze melding ook kan onderzoeken waarbij de uitgaande mails naar de klager ook intern zijn te traceren naar de afzender.
3. Is de melding ook betrouwbaar Dat wil zeggen dat de gemeente dient na te gaan of de melder wel betrouwbaar is en niet op basis van een verzinsel een medewerker van de gemeente wil belasten met een verdenking vanwege bijvoorbeeld een persoonlijk conflict.


Op zich is duidelijk wat de taak van de gemeente hierin is.

Het meldpunt integriteit dient na het onderzoek naar de melding het bevoegde gezag (toen gemeentesecretaris Mewe) te adviseren of er ook een onderzoek naar de dader moet worden geopend/gestart, een zogenaamd integriteitonderzoek zoals het is vastgelegd in het onderzoeksprotocol.

Om niet teveel uit te gaan weiden over allerlei zaken in het kort:
ad 1. Er is nooit door de gemeente vastgesteld of er ook daadwerkelijk mails zijn binnengekomen bij de Tuimelaar vanaf het gemeentehuis.
ad 2. Feit is dat de logging van internetactiviteiten van medewerkers ten tijde van de mailverzending uit stond. De gemeente KON DUS NIETS ONDERZOEKEN. Zelf beweert men dat met een bedrag van ca. € 50.000,- men wel in staat zou zijn geweest om een onderzoek doelmatig te kunnen uitvoeren maar dat men dit te duur vond. Dat noemt men ook wel gelul in de ruimte.
ad 3. De Tuimelaar is al lang gesloten vanwege wanbeleid en oplichting. Aantoonbaar is dat de leiding van de Tuimelaar heeft geprobeerd om meerdere mensen en bedrijven op te lichten.

Er was inderdaad sprake van een zakelijk conflict tussen mij en de Tuimelaar. Ik was overigens één van de velen die problemen kreeg met de heren Pool die elkaar helpen bij de oplichting die men praktiseerd.

Tel daarbij op dat men bij de gemeente mij heeft betrokken in het onderzoek naar de MELDING als waarschijnlijke dader waarbij men zonder mijn toestemming ook mijn computer bij de gemeente heeft onderzocht op dadersporen. Dat is normaal gesproken pas mogelijk bij een integriteitonderzoek maar dat is nooit gestart. Meester Gans zal beweren dat ik daarvoor wel toestemming heb gegeven maar dat is gebaseerd op een bewering, niet op basis van een gespreksverslag waarin dit aan mij gevraagd zou zijn. Dat verslag is er waarschijnlijk wel omdat dit verplicht is maar is nooit openbaar gemaakt. Hoe men mijn naam heeft gekoppeld aan de melding van de Tuimelaar blijft een raadsel en is nooit onderbouwd met enig feit.

Daarbij heeft men aantoonbaar niet de wettelijk voorschriften gevolgd maar op basis van "eigen" regels een soort van onderzoek verricht buiten alle wettelijke kaders in een poging om een dader te vinden.

In een brief werd ik verantwoordelijk gesteld voor de mailterreur zonder dat daar enig bewijs voor KON WORDEN GEVONDEN omdat de logging van internetactiviteiten uitstond.

Mijn arbeidscontract werd om zeer onduidelijke (maar niet echt) redenen niet verlengd en ook latere sollicitaties werden bij voorbaat geblokkeerd zoals de uitlating van de contractmanager van het uitzendbureau duidelijk maakte. Zij mocht van de gemeente mij niet meer voordragen voor enige functie bij de gemeente.

Ik kreeg geen rehabilitatie of enige uitleg gebaseerd op een dossier maar een putdeksel op dit dossier in de vorm van een ongevraagde brief van de gemeentesecretaris Mewe en waarbij de beschuldigende brief in het archiefsysteem werd overschreven waarmee de sporen van de beschuldiging werden uitgewist. Het enige dat ik mijzelf daarbij verwijt is dat ik uit frustratie de originele brief had weggegooid. Mails naar de Tuimelaar heb ik vanaf het gemeentehuis nooit verzonden!



We wachten de zitting bij het Hof eerst maar even af.

J de Vries